‘Onze jongens’

Door weer en wind en met 80 kilo bagage op hun rug zie ik ze vaak fietsen door de stad. Soldaten op weg naar het Centraal Station om door te gaan naar de basis of om uitgezonden te worden. Er bekruipt me dan altijd een soort gevoel van immense trots en ik krijg de neiging om te klappen.

Hoewel ik een hekel heb aan mensen die bij een potje voetbal kunnen zeggen “onze jongens hebben gewonnen”, terwijl zij op de bank een bak pinda’s hebben genuttigd, vind ik dat ik in dit geval wel het recht heb op te zeggen dat ik trots ben op die soldaten. Trots op onze jongens.

Voor CampusTalk interviewde ik laatst Immanuel Schellen. Op zijn 21ste levensjaar is hij al Afghanistan-veteraan. Hij vertelde zijn verhaal van voor en na Afghanistan; naar mijn mening een oprechte survival of the fittest. Toen we praatten over de acceptatie van de dood, kreeg ik tranen in mijn ogen. Nou ben ik al iemand die het niet droog houd bij typische programma’s zoals Hello Goodbye en All You Need Is Love, maar ik snapte maar niet hoe een jongen van 19 zich kon berusten in het feit dat hij mogelijk niet meer zou thuiskomen. Een instelling waar ik uiteindelijk respect voor kreeg. Dus als ik ‘onze jongens’ weer voorbij zie komen zal ik, misschien in gedachten, salueren.

Hieronder zie je een voorproefje van het interview met Immanuel Schellen. 

Ook interessant voor je:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.