Kanopolo: de moderne zeeslag

“Kanopolo? Dat verzin je net!” Mensen die de sport kanopolo beoefenen horen deze zin vaak. De sport wordt in Nederland door relatief weinig mensen gespeeld en is erg onbekend. Niet gek, aangezien de sport pas sinds 1994 bestaat. En dat zo weinig mensen weten wat kanopolo is, is erg jammer. De sport is spectaculair en intensief en is simpel gezegd een kruising tussen waterpolo en kanovaren. De incidentele grappenmaker merkt op dat het spel ook wel elementen van rolstoelbasketbal bevat (ha-ha).

Het doel achter kanopolo is simpel: gooi de bal in de goal van de tegenstander. En het liefst zo vaak mogelijk. Elk team heeft vijf veldspelers en maximaal drie wissels buiten de lijnen. De wedstrijden duren 2 x 10 minuten. Tijdens de 20 minuten gebeurd er meer dan op een heel WK voetbal. Gemiddeld wordt er 15 keer gescoord.Als een speler in balbezit is, mag hij worden omgeduwd. Dat is voor zowel de spelers als de toeschouwers de leukste spelregel. Er zijn ook andere regels die in geen andere sport voorkomen. Zo mogen spelers niet met hun peddel in de buurt van de tegenstander komen. Vooral de handen worden beschermd. Wie deze regel overtreedt, maakt zich schuldig aan ‘hakken’.

Voor de leek is het een nogal ruige sport. De kano’s waarin gespeeld wordt, varen met ogenschijnlijk veel geweld tegen elkaar op. Soms kraken ze letterlijk. Ook de peddels worden meer dan eens luidruchtig gekruist. Vaak wordt de vergelijking met zeeslagen uit het verleden gemaakt. Maar eigenlijk valt het allemaal best mee hoe ruig het spel is. De spelers zijn beschermd door dikke zwemvesten en helmen met gezichtsbeschermers. De bal wordt meestal gewoon met de hand gespeeld, maar het is ook toegestaan om de bal met de peddel te spelen.

Ook interessant voor je:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.