Strenge chinese opvoeding werpt haar vruchten af

Of de aanpak van de tijgermoeders pedagogisch verantwoord is of niet, de Chinese jongeren blijken knappe koppen. Tweederde van Chinees-Nederlandse leerlingen volgt havo of vwo-onderwijs terwijl dat bij autochtone leerlingen slechts de helft is. Van de tweede generatie Chinezen gaat 85 procent naar het hoger onderwijs. Bij autochtonen is dat 59 procent.
 

 

 

 

 

 

Dat concludeerde het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) enkele maanden geleden in het onderzoek ‘Chinese Nederlanders: van horeca naar hogeschool’.
Ook de tweede generatie Chinezen doet het heel goed op de arbeidsmarkt. Velen hebben hoge functies en de werkloosheid is slechts 5 procent van de beroepsbevolking. Bij andere migrantengroepen zoals Turken en Marokkanen ligt de werkloosheid boven de 10 procent.

Hoogleraar Pedagogiek Sander Thomaes geeft als verklaring dat Chinezen over het algemeen veel waarde hechten aan onderwijs. Ook zijn hard werken en goed presteren belangrijk binnen hun cultuur.

Thomaes: “In de Chinese cultuur is welvaart een belangrijk begrip. Als men rijk is, heeft men automatisch status. Daarom willen ouders dat hun kinderen succesvol worden en hoge functies bekleden.”

Er zijn grote verschillen tussen de generaties. De eerste generatie Chinezen werkt hard in de horeca en spreekt slecht Nederlands. Ze hebben vaak weinig opleiding genoten en leven geïsoleerd, ook van hun eigen landgenoten.

Degenen die in Nederland zijn geboren, hebben vaak een enorme maatschappelijke sprong gemaakt. Het aantal hoogopgeleiden binnen deze groep zal alleen maar stijgen voorspelt het SCP.

 

Zie ook ‘Portret van Utrechtse tijgermoeder’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.