Utrechtse levensverhalen

In 2006 heeft een vrijwilligersorganisatie in Den Haag project Levensboeken opgezet. Een project waarbij vrijwilligers aan ouderen worden gekoppeld en een boek maken over het leven van deze verteller. Het project sloeg ontzettend aan en ontving in 2009 zelfs de prijs Appeltje van Oranje. Bijna zes jaar geleden haalde de Vrijwilligerscentrale Utrecht het project naar Utrecht. Judith Deynen van de Vrijwilligerscentrale vertelt hoe dit verliep en hoe deze vorm van vrijwilligerswerk precies in elkaar zit.

 

Levensboek foto 1
Vrijwilliger en verteller werken samen aan een levensboek. Bron: Laura Okkersen

 

Hoe bent u op het idee gekomen om project Levensboeken naar Utrecht te halen?

Judith: “Het is ontstaan vanuit de vraag van vrijwilligers naar een ander soort vrijwilligerswerk. Vrijwilligers willen niet meer jaren vast zitten aan een bepaald adres waar veel tijd in gaat zitten. Bij dit project zijn de vrijwilligers gemiddeld drie of vier maanden bezig met het maken van een boek. Vanuit ouderen en verzorgingshuizen is er veel vraag naar echte aandacht voor eenzamere ouderen in plaats van alleen de primaire zorg. Voor de rest is steeds minder geld beschikbaar door het schrappen van subsidies.”

 

Zijn er al levensboeken af?

“Ja! Al heel veel. Ik denk al wel honderd. En dinsdag zijn er weer 15 vrijwilligers begonnen met de cursus die vooraf gaat aan het maken van het levensboek.”

 

Als vrijwilliger en verteller aan elkaar gekoppeld zijn, kan het maken van het levensboek beginnen. Hoe dat er aan toe gaat is te zien in uitzending 63 van CampusTalk en onderstaande video:

https://www.youtube.com/watch?v=uyhKUMiAQjw&feature=youtu.be

 

Wat houdt die cursus in?

“De cursus bestaat uit drie onderdelen. Allereerst een kennismaking waarbij een groep vrijwilligers uitleg krijgt over hoe het precies in elkaar zit en wat er van hen verwacht wordt. Daarbij is het belangrijk dat ze snappen dat het levensboek geen biografie is, maar een leesboek gebaseerd op het leven van de verteller. Daarna krijgen ze een cursus schrijven en tot slot krijgen ze tips voor vormgeving en lay-out. De meeste vrijwilligers beginnen al aan het levensboek na de introductiebijeenkomst.”

 

“Ze zijn terughoudend en introvert, dus ze moeten actiever benaderd worden om mee te doen. Ze denken vaak dat hun verhaal niet interessant genoeg is, maar ieder leven is het waard om opgeschreven te worden.”

 

Is er veel animo voor van zowel vrijwilligers als ouderen?

“Vrijwilligers zijn er heel veel. Het valt me altijd op hoeveel mensen zich hiervoor aanmelden. Van de ouderen krijg ik minder mee, want die melden zich niet bij de Vrijwilligerscentrale. Wel weet ik dat alle vrijwilligers aan een verteller worden gekoppeld dus er moet wel animo zijn.”

“Mensen zeggen vaak niet uit zichzelf dat ze dat zo’n boek willen over hun leven. Ze zijn terughoudend en introvert, dus ze moeten actiever benaderd worden om mee te doen. Ze denken vaak dat hun verhaal niet interessant genoeg is, maar ieder leven is het waard om opgeschreven te worden. Het hoeft niet heel bijzonder te zijn. Verzorgers in tehuizen of vrijwilligers in buurthuizen geven ook wel mensen op om hen uit eenzaamheid en isolement te halen. Dat gebeurt wel in overleg natuurlijk.”

 

Sinds de komst van het project naar Utrecht is het al populair.

 

U bent werkzaam bij de vrijwilligerscentrale, wat is dat precies?

“Wat wij doen is alles op het gebied van vrijwillige inzet. Dat houdt in dat wij organisaties ondersteunen, projecten opzetten, samen kijken naar de vraag in de maatschappij en bedenken hoe vrijwillige inzet hier invulling aan kan geven.”

 

Wat is het meest bijzondere verhaal van de levensboeken die u al voorbij heeft zien komen?

“Ik mag de boeken zelf niet lezen, want ze zijn privé. Alleen de verteller en de schrijver mogen het lezen. De verteller bepaalt wie het boek uiteindelijk mag zien. Soms kan dat wel lastig zijn voor de schrijver. Zo vertelde een vrouw hele heftige verhalen over haar familie en de schrijver twijfelde of hij dit moest opschrijven. De verteller besloot dit toch op papier te willen, ondanks de reacties die van haar familie konden komen. Met het boek kon ze eindelijk haar verhaal vertellen in plaats van dat van haar familieleden. Iedereen doet met dit project mee met een eigen reden.”

 

Is er een levensboek over uw leven?

“Nee, er is geen levensboek over mij, maar ik ben momenteel wel zelf bezig met het levensboek van mijn oma te schrijven.”

 

Wat hoopt u met project Levensboeken vooral te bereiken?

“Eigenlijk twee dingen: dat er zoveel mogelijk vrijwilligers op een mooie manier vrijwilligerswerk kunnen doen en als tweede dat ouderen een mooi boek overhouden aan een leuke periode met vast contact. Het zou natuurlijk mooi zijn als vrijwilligers bij vertellers blijven komen en contact houden, maar dat is een nevenfunctie. We hopen dat mensen blijven hangen en vrijwilligers meer vrijwilligerswerk gaan doen ook na het project Levensboeken.”

 

Voor wie worden de boeken gemaakt?

“In eerste instantie wel echt voor de verteller zelf. Het zijn toch vaak ouderen en die meer in het verleden dan in de toekomst. Door alles op papier te zetten, geven ze het een plekje. Veel vertellers doen ook mee met het idee dat het voor hun kinderen en kleinkinderen is.”

 

Ook interessant voor je:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.