‘Het gaat om het principe’

Utrecht, kwart over zes in de avond. Menig forens haast zich, vergezeld door zijn tienduizenden medereizigers, vanaf zijn werk naar huis. Ook de medewerkers van de diverse winkels op Hoog-Catharijne zijn inmiddels op huis aan gegaan. Behalve de blauwgebloesde AH’ers, zij werken stug door tot tien uur in de avond. De winkel is overvol, de klanten zijn gehaast. Gelukkig weerhoudt een enkele oudere vrouw dat niet om haar principes luidkeels te verkondigen, tot groot ongenoegen van het winkelend publiek en personeel.

Ergeren
Er zijn diverse bronnen van ergernis bij het doen van de boodschappen. De meest voorkomende zijn die van Moppersmurfhet lege schap, de lange rij, de treuzelende caissière, de drukte die er heerst zo laat op de dag, of een combinatie van dat alles. “Geeft niets”, hou ik mezelf maar voor. Ik weet dat ik net zo hard meedoe met het veroorzaken van deze drukte. Toch hou ik mezelf maar voor dat men niet lang last van mij zal hebben, mijn witte tijgerbrood en stukje kaas doen er niet lang over om gescand te worden. Ook in het afrekenen met pinpas heb ik jarenlange ervaring. Dat in tegenstelling tot het grijze mannetje in de andere rij. Voor de vierde maal probeert hij te betalen met de pin. De rij achter hem groeit gestaag.

Net niet luidkeels
Ook mijn rij gaat niet bijzonder snel. Logisch, want een medeconsument heeft besloten om vrijwel twee complete karren vol te stouwen en die nù af te laten rekenen. Geeft niets, twee minuten extra wachten, ik heb de tijd. Voor mij staat echter een vrouw die daar heel anders over nadenkt. Ze is alleen en heeft klaarblijkelijk niemand om mee te praten. Dus staat ze maar tegen zichzelf te mopperen, net hard genoeg zodat iedereen het om haar heen kan horen. Ze had zo bij een beroemd weblog terecht gekund, gezien de frequentie van de gecombineerde woorden ‘geen’ en ‘stijl’ voorbij komt.

Mandjes
Afijn, het heeft wel wat. “Waar iemand zich al niet druk om kan maken”, denk ik bij mezelf. Een minuut meer of minder maakt ook niet uit. Mevrouw voor me heeft inmiddels ook al haar producten op de band gelegd, en heeft klaarblijkelijkwinkelmandje moeite met het neerzetten van het mandje onder de kassa.
Ja, je hoort een mandje rechtop in de andere mandjes te zetten. Dat principe heet stapelen, je moest eens weten hoeveel ruimte dat bespaard. Gezien het feit dat het mandje volkomen schots en scheef erin gezet wordt heeft ze daar waarschijnlijk geen kaas van gegeten.
Wat er wel gegeten wordt is kattenvoer, althans, dat zal haar kat doen. Diverse blikjes staan er opgesteld op de lopende band, met nog een pak melk, een half brood en wat fruit. Niets aan de hand dus. De caissière scant de producten met professionele snelheid en presenteert mevrouw de rekening. ‘Dat is dan negen euro en zevenendertig cent.’

5 cent
‘Pardon?’
‘Negen euro en zevenendertig cent astublieft’
‘Er moet een vergissing gemaakt zijn, dit is teveel’
‘Het spijt me mevrouw, maar dat is wat de kassa aangeeft’
‘Ik heb het nagerekend, het moet negen euro en tweeëndertig cent zijn’
‘Mevrouw, de kassa maakt geen fouten. Negen euro en zevenendertig cent astublieft’

5 centDe caissière is ergens begin twintig, bruin stijl haar. Ze kijkt even snel rond, er zijn geen andere collega’s die even te hulp kunnen schieten. Haar collega’s voor en achter haar bliepen rustig verder achter hun kassa. Daarna kijkt ze de vrouw weer aan, in de hoop dat het een flauw grapje van de dame is. Deze blijft er echter bloedserieus onder. ‘Ik weet heel zeker dat het negen euro en tweeëndertig cent is. Ik heb het nagerekend’, blijft ze volhouden. Inmiddels is de rij achter haar nog groter geworden. Achter me hoor ik mensen hardop mompelen en zuchten, dit kàn toch niet waar zijn? De dame is voor me echter niet van haar stuk te brengen.

Principe
Albert Heijn. Prima. Drukte. Ook goed. Lange rij aan de kassa. Het zij zo. Irritant mens dat juist op dit moment principieel gaat lopen doen. Dacht het niet.
‘Mevrouw?’ Vraag ik aan de dame voor me. Ze staart nog altijd de caissière aan in de hoop dat zij er wat aan doet, die blijft echter erop hameren dat de kassa het niet fout heeft.
‘Mevrouw?’ probeer ik het nog eens.
De dame draait zich om, kijkt even naar mij en dan naar de rest van de rij. Daarna draait ze zich om en vervolgt haar relaas tegenover de caissière. ‘Als ik u nu vijf cent geef. Kunt u dan alstublieft ophouden met dit gedoe?’ Ik heb mijn portemonnee al in de hand en rommel erin naar wat kleingeld. Ik weet niet eens of ik wel een munt van vijf cent bij me heb.

De boodschap komt over. Nog voordat ik haar het geld heb kunnen overhandigen kiest ze eieren voor haar geld. In dit geval dus negen euro en zevenendertig cent. Mopperend betaald ze en smijt ze de blikjes kattenvoer in een zwarte boodschappentas. Het melk en het fruit verdwijnt er bijna even hardhandig in. Hoofdschuddend en hardop mopperend loopt ze weg. “Het gaat me om het principe”, zegt ze nog even hard genoeg opdat iedereen het kan horen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.