Gevolg van beeldenstorm in Utrecht

Als je de Domkerk, Geertekerk of Nicolaaskerk binnenloopt, zal je waarschijnlijk geen beelden, schilderijen of altaars tegenkomen die voor de 16e eeuw zijn gemaakt. Zonde van alle kunstobjecten die verloren zijn gegaan. Het heeft allemaal te maken met de opkomst van de reformatie in de 16e eeuw. Een klein groepje calvinisten zorgden namelijk voor de beeldenstorm in Utrecht.

Een Duitse monnik Maarten Luther had in het begin van de 16e eeuw kritiek geuit op de rooms-katholieke kerk. Hij was het niet meer eens met hoe het geloof werd gepresenteerd. De kerkleiders waren te machtig en in de kerk zelf, draaide het te veel om de pracht en praal. Het had niets meer te maken met het geloof en de bescheidenheid die Jezus Christus gepredikt had. De gewone burgers moesten geld opbrengen voor de kerken, beelden, schilderijen en zelfs voor de priesters. Luther was het hier niet mee eens en wilde een geloof dat zuiver was en alleen maar om de bijbel draaide. Fransman Johannes Calvijn had dezelfde ideeën als Luther. Steeds meer mensen waren midden 16de eeuw het met de heren eens. In Utrecht noemden deze ontevreden groep mensen zich calvinisten (omdat ze net als Calvijn de katholieke kerk wilde veranderen). Deze periode werd ook wel de reformatie genoemd.

De beeldenstorm begon in 1566 in Steenvoorde (Noord-Frankrijk) maar enkele jaren later kwam het ook in Nederland terecht. Het groepje calvinisten in Utrecht bestond aan het begin uit zo’n 500 man. De Domkerk, Geertekerk en Nicolaaskerk waren de dupe van de opkomende prostestanten. Het interieur van de kerken werd vernield. Ieder beeld, schilderij. Altaar of kandelaar werd door de menigte kapot gegooid waardoor en een statement werd gemaakt; het geloof niet ging om de aankleding, maar puur om wat er in de bijbel staat. Naderhand kwamen er steeds meer aanhangers bij deze groep in heel Nederland. Deze nieuwe geloofsstroom werd het protestantisme genoemd.

In deze video wordt de reformatie op een begrijpelijke en snelle manier uitgelegd.

 

Helaas is er haast niets meer overgebleven van de kunstobjecten uit de hoge middeleeuwen (1100 tot 1350) van de rooms-katholieke kerk. Alleen in Noorwegen en Catalonië zien we nog kunstwerken terug uit die tijd. Het Museum Catharijneconvent heeft daar nu een tentoonstelling over geopend.

Conservator en kunsthistoricus Justin Kroesen vertelt in een interview over de aanleiding van deze tentoonstelling én het verhaal erachter.

 

Wil je alvast een voorproefje? Kijk dan naar de derde uitzending van Campusblog herfst- winter 2019/2020. Verslaggever Joop Aerdts nam een bezoekje aan de tentoonstelling en beantwoord de vraag hoe het komt dat alleen in die twee gedeeltes van Europa de kunstwerken te vinden zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.